TU Eindhoven zet proctoring in

900 selectiekandidaten van de TU Eindhoven hebben afgelopen voorjaar een NOA capaciteitentest gemaakt met behulp van proctoring. De aanleiding hiervoor is de invoering van een numerus fixus voor een aantal opleidingen aan de TU/e. De NOA capaciteitentest is een onderdeel van de gehele selectieprocedure die bestaat uit meerdere criteria. Verdeeld over acht tijdsloten maakten de kandidaten met inzet van digitale media acht unieke capaciteitentests.

"Dat de NOA capaciteitentest via proctoring is uitgevoerd heeft een aantal redenen” zegt Hedwich van Engelen, projectleider van de selectieprocedure. “Enerzijds is het voor de TU/e van belang dat een selectieprocedure voor de kandidaten eerlijk en vlekkeloos verloopt, hierom kan het uitbesteden van sommige onderdelen aan externe partijen een efficiënte en betrouwbare keuze zijn. Anderzijds is het van belang dat een selectieprocedure voor een kandidaat een bepaalde inspanning vereist, maar deze niet te belastend moet zijn, omdat de meeste kandidaten in hun eindexamenperiode zitten. Ook is het van belang dat zowel Nederlandse als internationale kandidaten met de juiste vooropleiding gelijke kansen hebben om geselecteerd te worden.”

Via proctoring kunnen de kandidaten hun selectietests thuis maken. Terwijl ze aan het werk zijn filmt de laptop-webcam de student aan de voorzijde, terwijl de mobiele telefoon zorgt voor opnamen aan de achterzijde. Zo is zeker dat het de student zelf is die de tests uitvoert. “Voor studenten uit bijvoorbeeld India of Roemenië was het prettig dat ze niet naar Eindhoven hoefden te komen voor het maken van de test. Maar hetzelfde geldt eigenlijk binnen Nederland. Ook daar kan reizen vermoeiend zijn, bij vertraging problemen opleveren en zorgen voor stress. Mede daarom is er voor gekozen om proctoring in te zetten.”

Proctoring heeft ook een aantal praktische voordelen. Het bespaart niet alleen reistijd voor de kandidaten, er zijn ook geen grote zalen nodig om bij iedereen tegelijk de test af te kunnen nemen. Maar daar tegenover staan wel een aantal technische en logistieke eisen. De kandidaat moet natuurlijk beschikken over een geschikte laptop, een goede webcam en een telefoon. Dit moeten zij vooraf zelf controleren. Bovendien is er een aanmeldingsprocedure die nauwgezet gevolgd moet worden en hierbij kunnen fouten ontstaan. Van Engelen: “Kandidaten lezen soms de instructies niet goed of slaan stappen over waardoor de aanmelding mislukt. En ook technisch moet alles kloppen, het internet mag niet uitvallen en het scherm niet bevriezen tijdens het opnemen. Helemaal zonder risico’s is het systeem dus niet.” Het grote voordeel is volgens Van Engelen dat tests niet meer plaatsgebonden hoeven te worden afgenomen. “En dat fraude echt geconstateerd kan worden. Waarbij het de indruk geeft dat dit relatief weinig voorkomt, het gebruik van de tool werkt blijkbaar preventief.”